Kosten woonruimte

Als je kind op zichzelf gaat wonen, dan moet hij zelf voor zijn woonruimte betalen. Hij moet rekening houden met éénmalige kosten. En met kosten die hij elke maand moet betalen. Of elk jaar.

Borg

Meestal moet je kind een maand borg betalen. Hij betaalt dan bijvoorbeeld één maand huur extra. Als je kind de huur opzegt, krijgt hij dit geld terug. Maar alleen als de kamer of woning netjes is als hij verhuist. Vraag altijd naar een schriftelijk bewijs van de betaling.

Overnamekosten

Soms staan er nog spullen in de kamer of het huis. Je kind mag deze spullen hebben. Hiervoor vraagt de verhuurder of de vorige bewoner soms nog wel een (klein) bedrag.

Administratiekosten

Huurt je kind een kamer of woning van een woningbouwvereniging? Of van een andere organisatie? Dan betaalt hij administratiekosten.

Inrichtingskosten

Om de kamer of woning in te richten, heeft je kind spullen nodig. Soms moet hij de kamer ook nog opknappen. Daarom moet je ook rekenen op inrichtingskosten. Vraag eens bij vrienden of familie. Misschien hebben zij nog spullen of meubels voor je kind. Kijk ook eens op internet of ga eens naar een kringloopwinkel.

Vaste kosten

Vaste lasten moet je kind elke maand betalen:

  • huur van de kamer of woning;
  • gas, water en elektriciteit;
  • heffingen van gemeente en waterschap;
  • internet en telefoon;
  • verzekeringen (WA-verzekering, ziektekostenverzekering, reisverzekering). Bij sommige verzekeringen betaal je één keer per jaar. Soms kun je ook per maand betalen.

Wil je weten hoe je kind er straks financieel voorstaat? Doe dan het Persoonlijk Budgetadvies op van het Nibud. Je krijgt dan een overzicht met gemiddelde bedragen die je kind straks heeft.


Delen:

Breng vrienden en kennissen op de hoogte van deze site