Een pasgeboren baby heeft genoeg aan aanraken, knuffelen, contact met elkaar. Met elkaar spelen is het belangrijkste. Met speelgoed kan je kind de eerste weken nog niet zoveel. Je kunt al vanaf het begin tegen je baby praten. Hoe klein hij ook is, dit stimuleert zijn taalontwikkeling.
Na 3 maanden
Vanaf ongeveer 3 maanden kan je baby zelf speelgoed vasthouden. Bijvoorbeeld een eenvoudige rammelaar, zacht doekjes of zachte knuffels. Na ongeveer 4 maanden gaat je baby grijpen en leert voorwerpen vast te pakken. Kan je kind iets vastpakken? Dan vindt hij steeds grotere dingen leuk. Hij wil dat dan tegen zich aan drukken.
Materialen
Je baby vindt alles prachtig. Een speelkleed wordt extra leuk met een spiegeltje of een belletje. Of met verschillende soorten stof: zacht, ruw, glad of kriebelig. Laat je kind met zijn hand de materialen voelen. Natuurlijk steken sommige kinderen ook van alles in hun mond. Je baby ontdekt ook met zijn mond. Maar zorg dat je kind geen kleine, gevaarlijke dingen te pakken krijgt.
Water
Met een paar eenvoudige badspelletjes leert je kind dat hij voor water niet bang hoeft te zijn.
-
Sla een paar keer met je handen op het water. Je kind doet het je zo na!
-
Leg een paar kleine, drijvende speeltjes in bad.
-
Laat een druppeltje water over het hoofd van je baby lopen.
-
Laat het water met een straaltje op zijn buik komen.
Na 6 maanden
Samen spelen is leuk en belangrijk, maar na 6 maanden kan je kind ook even alleen spelen. Laat hem dus af en toe lekker alleen spelen. Ook zit je baby nu in een fase dat hij eenkennig wordt. Om hem te leren dat je er ook bent als hij je niet ziet, kun je het spelletje 'kiekeboe' spelen. Kijk ook samen in een spiegel. Wijs hem en jezelf aan. Zo ontdekt hij wie hij is.
Praten
Als je baby ongeveer 6 maanden oud is, begint hij te brabbelen. Op deze leeftijd vindt hij speelgoed dat geluid maakt erg interessant. Je kunt dus bijvoorbeeld een knuffelbeestje kopen dat geluid maakt. Praten met je baby blijft erg belangrijk. Je kunt liedjes met hem zingen en samen boekjes kijken.
Pakken, gooien en rollen
Met 2 handjes kan je baby nu speeltjes pakken, gooien en rollen. En hij wordt steeds sterker. Hij gaat zijn kracht uitproberen op alles om hem heen. En hij gaat overal op bijten met zijn nieuwe tandjes.
Geef hem dus alleen speelgoed:
-
dat stevig is en niet gauw kapot gaat;
-
waarvan de verf niet afgeeft in zijn mond;
-
waaraan hij zich niet pijn kan doen.
Geschikt speelgoed is bijvoorbeeld:
-
een tuimelaar. Die komt altijd weer overeind als je baby ertegen duwt of schopt.
-
een stoffen bal. Die kan hij beter vasthouden dan een harde bal.
-
een 'activity center'. Daar zitten heel veel dingen op: draaiwieltjes, deurtjes, geluidjes en vaak ook een spiegeltje.
Dollen en rondzwieren
Je mag nu best wat wilder met je kind spelen. Even dollen vindt hij prachtig! En de beweging is goed voor hem. Denk bijvoorbeeld aan gekke spelletjes doen op schoot en rondzwieren in de kamer. Kijk wel uit dat je je baby niet door elkaar schudt!
Na 9 maanden
Vanaf 9 maanden wordt de motoriek van je kind steeds beter. Je kunt dit bijvoorbeeld stimuleren door je baby voorwerpen vast te laten houden en ergens in te stoppen of te stapelen. Probeer er altijd op te letten dat je niet te kleine voorwerpen aan hem geeft, want hij stopt alles in zijn mond. Ook in zijn handjes klappen vindt je kind nu een leuk spelletje.
Alleen spelen
Als je baby ongeveer een jaar oud is, kan hij kleine opdrachten begrijpen. Je kunt hem bijvoorbeeld aan iemand iets laten geven, doosjes laten openmaken. Laat ook je kind af en toe even alleen spelen. Hierdoor leert hij zichzelf te vermaken.
Ontdekken
Van uitproberen, kijken wat er gebeurt en dat eindeloos herhalen leert je kind het meeste. Bijvoorbeeld deksel op de pan en er weer af en er weer op. Je kind doet niets liever en het stimuleert zijn denken en motoriek. Veel van wat je in huis hebt is hiervoor geschikt. En als jij verwoordt wat je kind doet, stimuleert dit ook de taalontwikkeling van je kind. "Nu is de deksel weer op de pan."