De meeste gezinnen gaan met de auto op vakantie. Maar ook wanneer je bijvoorbeeld met de trein of met het vliegtuig gaat, kunnen deze tips voor onderweg nuttig zijn.
Tegen de verveling
Kinderen vinden het meestal saai op achterbank. Vooral tijdens een lange reis. Ze vervelen zich snel waardoor ze gaan jengelen en zeuren. Zorg dat je kind wat te doen heeft.
-
Bedenk van te voren samen wat je meeneemt, bijvoorbeeld speelgoed, stripboeken, luisterboeken en muziek. Geef niet alles tegelijk.
-
Je kunt ook onderweg leuke spelletjes doen met auto's, nummerborden en plaatsnamen. Bijvoorbeeld wanneer je een rode auto ziet moet je stil zijn, en als je een groene auto ziet mag je weer praten.
-
Praat ook met elkaar over wat je ziet onderweg.
Even uit de auto
Vooral wanneer je een lange reis maakt, kun je het best regelmatig stoppen. Je kunt dan even lopen en een broodje eten. Ook je kind kan zijn energie kwijt, bijvoorbeeld door rond te lopen of misschien zelfs even te voetballen op het gras bij de parkeerplaats.
Eten en drinken
Het is belangrijk om van te voren goed te eten en te drinken. Wanneer je kind snel last heeft van wagenziekte, omdat eten tijdens de rijden misselijkheid kan veroorzaken. Geef je kind daarom onderweg liever licht verteerbaar voedsel, zoals fruit, crackers, soepstengels en plakjes komkommer. Probeer wel vast te houden aan 3 maaltijden en maximaal 4 keer iets tussendoor.
Zijn we er bijna!?
Kinderen willen graag weten hoe lang ze nog in de auto moeten zitten. Daarom is het verstandig om je kind van te voren te laten zien waar je naartoe gaat en welke route je rijdt. Als je kind oud genoeg is om een kaart te lezen, dan kun je hem een eigen routekaart geven.