Soms is zelfbeschadiging bij jongeren een roep om hulp, maar dat is niet altijd zo. Vaak is het juist lastig te herkennen, omdat jongeren het goed verborgen houden.
Zelfbeschadiging herkennen
Wees op je hoede als je kind:
-
plotseling kleren gaat dragen die armen en benen bedekken;
-
terloops beschadigde huid laten zien;
-
continu verdrietig is;
-
zich opsluit op de wc of in zijn kamer.
Let ook op als er opeens scherpe voorwerpen verdwijnen.
Wat kun je als ouder doen?
Wanneer je merkt dat je kind zichzelf beschadigt, is het allerbelangrijkste dat je met hem praat.
-
Ga hem niet uitleggen waarom hij dat niet moet doen.
-
Probeer je in te leven in je kind. Wat beweegt hem, hoe voelt hij zich en hoe komt dat?
-
Echte aandacht en oprechte belangstelling zijn een belangrijk tegenwicht tegen zelfbeschadiging.
-
Vraag je kind om afleiding te zoeken als hij zichzelf wil beschadigen. Bijvoorbeeld naar jou toe komen. Of stel voor dat hij gaat sporten of een vriend opzoekt.
-
Dwing je kind niet om zichzelf niet meer te beschadigen. Dit helpt niet. Soms wordt het dan zelfs erger.
-
Straf je kind niet als hij zichzelf verwondt. Dit helpt ook niet. Probeer je kind juist te steunen.
Hulp zoeken
Zijn de problemen van je kind te groot? Zoek dan hulp via de huisarts of JGZ-jeugdarts of instanties als bureau Jeugdzorg, het algemeen maatschappelijk werk of de geestelijke gezondheidszorg. Zij kunnen je kind professionele hulp bieden.